5 min

10 min

15 min

(typ bijvoorbeeld: Typhoon, technologie, 5 minuten, NRC, reportage)

Hoe het is om Abbey Hoes te zijn

tekst: Rens Lieman, Esquire   |    fotografie: Anne Timmer

zoeken

esc om te sluiten    z om te openen

Esquire

juni 2015

tekst

Rens Lieman

fotografie

Anne Timmer

leestijd

10 minuten

Het grootste filmtalent dat ons land momenteel kent, wil het liefste... wandelen. (Esquire, juni 2015)

‘Hoi! Ik kom er aan hoor!’ Met vlugge tred komt Abbey Hoes naar beneden gelopen. Esquire had zojuist bij haar aangebeld om met de rising star door Amsterdam te wandelen. Ze is niet zo’n kroegganger, houdt meer van lopen door de stad. ‘Niet om na te denken hoor - gewoon, omdat een ochtendwandeling een prettige manier van een beetje wakker worden is.’ Wat ook meespeelt is dat haar fiets kapot is en Abbey sindsdien ‘in staking’ is. Ze had anderhalf jaar geleden een nieuwe fiets gekocht ‘maar het kloteding gaat elke maand kapot, ik stop ermee!’

Abbey Hoes is on a roll sinds de tweede helft van vorig jaar. Ze won een Gouden Kalf voor haar hoofdrol in Nena, waarin ze een punkmeisje speelt van wie de vader een doodswens heeft. Ze werd European Shooting Star, een soort stempel voor aanstormend talent waarmee je de markt op kan in Berlijn om castingdirectors te ontmoeten. En ze speelde een weliswaar bescheiden rol in Ventoux, maar haar vertolking van een jonge ‘Laura’ bleven in recensies niet onopgemerkt.

Nu de ergste drukte voorbij is, is het tijd voor leukere zaken. Wat momenteel speelt in het leven van de (inmiddels) 21-jarige: ‘Ik ben volgende week jarig! Ik geef een feestje voor mijn familie en daar heb ik zo veel zin in! Oh, en [vriend] Casper en ik gaan een katje lopen. Het wordt zo’n vuilnisbakje, die vind ik leuk. We zijn ons er helemaal in aan het verdiepen, alsof we kinderen krijgen, hihi.’

We lopen door de markt op de Westerstraat als haar telefoon gaat. ‘Hoi mam! Nee hoor, je hebt gelijk, ik volg je moederlijke advies en doe die auditie niet. Het is weer zo’n hockeymeisje-rol.’

Nog net geen 21, maar Abbey Hoes heeft nu al de luxe dat ze kan kiezen. ‘Nou, het is niet dat ik me ergens te goed voor voel, maar ik waak ervoor te veel hetzelfde te doen. Ik probeer bij elke nieuwe rol iets bij te leren. Op dit moment word ik veel gevraagd voor “het meisje dat one of the guys is”, maar dat ben ik al in Ventoux. Dat was te gek, maar ik wil het niet blijven. Ik weet goed wat ik wel en wat ik niet wil, maar soms toets ik het even aan wat anderen vinden, zoals mijn agent en mijn moeder.’

Naar wie je uiteraard altijd goed luistert.
‘Wanneer ik het niet doe, blijkt achteraf dat ze gelijk had. Ze heeft áltijd gelijk.’ 

Ze had er al een aantal filmrollen op zitten voordat ze gecast werd voor Nena, een film van Saskia Diesing met ook nog Monic Hendrickx en Gijs Blom.

Voelde het alsof die film je carrière lanceerde? 
‘Nee, Nena voelde als een rol als alle andere. Ik word al sinds mijn vijftiende nieuw aanstormend talent genoemd. Ik voelde dat toen niet zo en nog steeds niet. Ik ben een geleidelijk aanstormend talent. Of zo, I don’t know. In ieder geval gaat het stapje voor stapje. Nena was een grote film waar ik de hoofdrol in speelde, maar die had ik nooit gekregen als ik niet daarvoor in Maite was hier speelde. Het klopt dat er nu veel belangstelling in de media is voor mij, maar ik merk het niet aan het aantal aanbiedingen hoor. Gelukkig maar. Ik wil niet superhot zijn, want dat zou betekenen dat het ook weer naar minder wordt.’

Misschien rees je ster voor de buitenwereld sneller dan jij het hebt ervaren. Merkte je daar iets van?
— ‘Eh, het Gouden Kalf was wel een aanwijzing, ja.’ 

Foto: Anne Timmer


De lach van Abbey Hoes komt vaak en in verschillende gedaanten. Er is de variant die er vooral lijkt te zijn om het leuk en gezellig te houden, met grote ogen en ontblote tanden, en er is de echte Abbey-lach: dan knijpen haar ogen samen, krullen haar op elkaar gehouden volle lippen, krijgen haar wangen kuiltjes en rimpelt haar neus.

Heel Nederland kon de echte Abbey-lach al in de herfst van 2014 zien. Mike Boddé en Thomas van Luyn brachten een muzikale ode aan de genomineerden. Aan Halina, aan Carice, en Abbey, die in het publiek zat, vond het fantastisch. Bij het in ontvangst nemen van de prijs, stal ze de harten van het publiek: ‘Ik had het écht niet verwacht, dus heb ik niet eens iets voorbereid’, huilde ze meer dan dat ze het uitsprak. Van Luyn schoot vriendelijk te hulp tijdens de stilte die ontstond: ‘Zeg maar dank je wel.’ Abbey: ‘Dank je wel!’ Weer stil. ‘Wil je misschien iemand specifiek bedanken?’ ‘O ja...’

Voor die uitreiking had ze er een hele keur aan audities opzitten. Ze hoopte dat ze in elk geval één rol zou krijgen, zodat er wat werk voor haar in het verschiet lag. Uiteindelijk kreeg ze bijna alle rollen waarvoor ze had geauditeerd. Zwarte tulp, De ontsnapping en Ventoux. Dat werd wat te veel van het goede, vond ook haar begeleider op school. Ze stonden het Abbey toe een half jaar pauze te nemen, zodat ze haar werk kon doen. 

Hoe kwam het nieuws van de European Shooting Star-prijs tot je?
‘Mijn agent wist al langer dat het speelde, maar ze wilde me beschermen voor een eventuele teleurstelling. Ze had een poosje eerder al eens gezegd dat ik me maar eens wat meer moest verdiepen in de Berlinale en die Shooting Stars. Op de dag dat het definitief bekend werd, kwam ze naar me toe in een café. “We moeten maar wat rode wijn bestellen”, zei ze, en ik moest mijn vriendje bellen om ook te komen. Daarna vertelde ze het me. We hebben samen mijn moeder gebeld. Met haar heb ik heel hard gegild.’ 

Hoe was het in Berlijn?
‘Geweldig. Mijn hele posse was mee: ouders, vriendje, twee agenten... Een keer werden we helemaal lijp toen we Christoph Waltz zagen [de Oscarwinnende acteur uit Inglourious Basterds en Django Unchained]. Ik moest op allerlei borrels opdraven en handen schudden, wat ik supergaaf vond. Ik moest mijzelf presenteren, het “product Abbey” verkopen.’

Hoe verkoop je jezelf?
‘Gewoon, gezellig met mensen praten. Dat was mijn tactiek in Berlijn, althans. Het beste van jezelf laten zien in een gezellig gesprek, aan het ontbijt bijvoorbeeld. Ik had wel heel goed nagedacht over mijn kleren, dat leek me erg belangrijk. Ik had vijftien setjes mee voor drie dagen. Weinig zwart, veel kleur. Het hielp. Een Amerikaanse castingdirector vroeg de volgende dag aan me: “Waar is je mooie rode jurk?”’ 

We lopen de Jordaan door, de Prinsengracht over.

Je bent opgegroeid in Emmen. Bevalt Amsterdam?
‘Ja, Ik ben dol op Amsterdam. Ik ben een stadskind dat opgroeide op het platteland, tja, dan...’

...verveel je je te pletter?
‘Is het minder leuk. Ik ben mij op dit onderwerp voorzichtiger gaan uitdrukken. Ik gaf een poosje geleden een interview waar iets over klompen en trekkers uit de context werd getrokken en in Drenthe denken ze nu dat ik ze haat. Ik las een reactie van iemand die zei dat ik mij te goed voel voor de boeren die mijn aardappels telen. Echt, hoe kom je erbij? Ik vind het tof dat er boeren zijn, ik vind het hartstikke leuke mensen! Wil je ervoor zorgen dat Drenthe weer van me houdt, alsjeblieft! Ik vind het ook heerlijk om nu in het weekend naar mijn ouders te gaan, die nog altijd in Drenthe wonen. De rust en de natuur vind ik geweldig.’

Het kwam vooral door de middelbare school dat het niet een onverdeeld leuke tijd was in Emmen, toch?
‘Ik werd gepest, inderdaad. Tja, ik weet ook niet waarom, dat gebeurt nu eenmaal, hè. Ik ben niet zo’n groepsdier, ik geloof niet in van die grote vriendinnengroepen. Ik zonderde me niet af, maar ik zocht het gezelschap ook niet op. Het was ook niet zo dat ik er een verlegen muisje werd, ik volgde gewoon mijn eigen weg. Af en toe was het kut, ik moest er gerust weleens om huilen, maar ik ben er wel door geworden wie ik nu ben.’

Foto: Anne Timmer


Enkele dagen later, op de première van Ventoux, is Abbey Hoes niet de grootste ster op de rode loper, zo te midden van het clubje gerenommeerde Nederlandse acteurs dat in Ventoux spelen. Toch steekt ze erbovenuit. Ze draagt een lange witte jurk (‘zelf gekocht, gewoon bij Urban Outfitters’) met deels transparant bovenstukje waaronder een klein beetje buik zichtbaar is. Op haar hoofd een kleurig bloemstuk. Als de plichtmatige interviewtjes afgerond zijn, zoekt ze samen met regisseur Nicole van Kilsdonk een hoekje op waar de zon nog net schijnt en de camera’s haar niet zien. Daar rookt ze een sigaret en keuvelt wat. Binnen zit de ‘posse’ die ze zo graag bij zich heeft bij op dit soort gelegenheden. Van Kilsdonk is enthousiast over Abbey, vertelt ze Esquire. Maar wat maakt haar dan zo goed?

‘Als je een jonge acteur zoekt voor een vrouwelijke rol, zie je heel veel mooie gezichtjes’, zegt Van Kilsdonk. ‘Maar vaak is het alleen dat mooie gezicht. Abbey heeft ook een prachtig gezicht, supermooie ogen waar op de een of andere manier het licht altijd heel mooi in valt. Daar word je mee geboren natuurlijk, maar daar moet je dan wel wat mee doen. Zodra de camera aan gaat, krijgt Abbey een extra laag. Ze acteert heel naturel, wat knap is voor haar leeftijd, en ze maakt intuïtief de juiste filmtechnische keuzes. Een subtiele blik, hoe ze haar mond houdt; ze wéét dat een camera dit oppikt. Ze kan heel goed kijken zonder iets te zeggen.’ 

Terug naar onze wandeling. Het is gaan regenen en we besluiten te gaan schuilen in een café.

Volgens Nicole van Kilsdonk heb je al een filmintuïtie, maar hoe kun je dat hebben terwijl je nog op school zit?
‘Daar heb ik geen antwoord op. Misschien omdat ik het gewoon heel erg leuk vind om te acteren, maar dat klinkt zo simpel. Toch denk ik dat het zo is. Daarbij: als je acteert, haal je het toch uit je eigen gevoel, maar dan op een manier die bij je personage past.’

Gebruik je je eigen emoties tijdens het acteren?
‘Vroeger wel. Ik dacht toen dat ik zo’n ontzettende method-acteur zou worden. Maar ik ben erachter gekomen dat dat best zwaar is. Wat ik nu doe, is wel terugdenken aan een moment dat ik zelf de emotie voelde die ik dan moet spelen, maar dan vooral aan hoe dat eruit zag. Voor Ventoux moest ik reageren op iemand die dood op de weg ligt. Ik dacht: oké, hoe zag Groot Verdriet er bij mij uit, toen ik het zelf voelde? Ik was in ieder geval niet mooi, zoveel is zeker. Dus dan let ik daar op.’

Wat is de belangrijkste acteerles die je nog moet leren?
‘Hoe mensen in elkaar steken. Dat iedereen voor zijn eigen gewin gaat.’

Dat is meer een levensles – die je al geleerd hebt, zo te horen.
‘Ik moet er beter rekening mee houden. Ik blijf zeggen wat ik vind, maar ik moet beter opletten tegen wie ik het zeg. Ik ben niet naïef, het is geen verrassing dat iedereen voor eigen gewin gaat. En toch ontploft er soms iets in mijn gezicht. Ik vind het ook lastig me dingen niet persoonlijk aan te trekken, bijvoorbeeld als ik lees dat iemand mij een arrogante kuthoer vindt, of mijn jurk haat.’

Vanmiddag gaat Abbey naar de dierenwinkel, haar vuilnisbakje uitzoeken. Ze heeft haar achterstand op de toneelschool zo goed als volledig ingehaald. Er resteren nog maar een paar keuzevakken. Haar spraak moet nog beter, vindt ze zelf. ‘Ik heb nog al een urrr.’ We nemen afscheid. Of nu ja, nog één vraag dan:

Wat als straks de toneelschool klaar is?
‘Ik weet het eigenlijk niet. Er is geen langetermijnplan. Ik vind acteren het leukste wat er is en ik ga er volledig voor, maar misschien ben ik over vijf jaar niet meer populair en ga ik ergens op een strand mijn eigen kralenkettingen rijgen. Ja, dat zou echt kunnen gebeuren. Niet omdat ik wispelturig ben, maar omdat ik heb meegekregen realistisch naar de zaken te kijken. Ik heb een vak gekozen dat geen zekerheid biedt. Daarom heb ik altijd tegen mezelf gezegd: er zijn andere dingen waar je gelukkig van kunt worden. Van familie, van mode, van kunst of van een kralententje ergens op een zonnig strand.’

 / 

       rens@renslieman.nl
Rens Lieman is freelance journalist. Zijn werk verschijnt onder meer in NRC Next, Het Parool, Esquire, ELLE en Nieuwe Revu. Lees hier meer verhalen.

meer grote interviews