5 min

10 min

15 min

(typ bijvoorbeeld: Typhoon, technologie, 5 minuten, NRC, reportage)

Epic Epke

Als kleine jongen begon Epke Zonderland, achterin de tuin, al de trainen voor dit: de oefening van zijn leven.

tekst: Rens Lieman, Esquire   |    fotografie: Fotofloor | Esquire, oktober 2010

zoeken

esc om te sluiten    z om te openen

Esquire

oktober 2010

tekst

Rens Lieman

fotografie

Fotofloor

leestijd

5 minuten

In zijn eentje aan de rekstok, in een stille sporthal in Heerenveen probeert Epke Zonderland het onhaalbare te halen. Het is vroeg in de ochtend, een uur of half negen, tijdens een reguliere ochtendtraining in 2008. En hij presteert het onmogelijke. De Casina, de Kovacs en de Kolman – achtereenvolgens. In gewoon Nederlands: een dubbele salto gestrekt met hele schroef, een salto gehurkt en een salto gehurkt met hele schroef. En dat allemaal zonder tussenzwaai.

Die laatste twee combineerde Epke wel vaker. Op zichzelf was dat al een turnunicum – er bestaat geen turner die dit in een wedstrijd laat zien – maar met de Casina er nog aan toegevoegd, dat is een fata morgana in turnland. Een optisch fenomeen. Al een poosje had hij het idee dat hij de fysiek, de techniek en de durf had om dit te kunnen. Hij kreeg gelijk. Hij was gelukkig.

En hij liet het filmen.

Uitslover.

‘Een update voor mijn fans.' Mooi bedacht, Epke, maar natuurlijk was het meer. Dit was een boodschap naar de concurrentie. Kijk eens, wat ik allemaal kan? Kijk eens, Chinese concurrenten van me, Russische, Duitse? Dan weten jullie vast wat jullie te wachten staat, op de Olympische Spelen in Londen in 2012.


Dus hier wordt een turner gelukkig van. Door niets en niemand gestoord in zijn korte missie - turners zijn uitgerangeerd na hun dertigste - om ’s werelds beste turner te worden. In zekere zin is hij dat al, alleen heeft hij de daarbij behorende prijzen nog niet.

Op het WK in Rotterdam drie weken geleden, kwam hij twee tienden van een punt te kort voor goud. Dat kwam zo:

In het turnen word je beoordeeld op de uitgangswaarde (lees: moeilijkheidsgraad) en de uitvoering van je oefening. De Chinese winnaar Zhang Chenglong had in zijn oefening vier verbindingen, wat in de uitgangswaarde 4 x 0,2 = 0,8 punt oplevert. Epke had een verbinding minder in zijn oefening. Zijn uitgangswaarde kwam uit op 7,3, tegenover 7,5 voor Zhang. 

In de uitvoering greep Epke na zijn eerste hele draai de rekstok met een mixgreep in plaats van met de geplande ellegreep. Een tiende aftrek. Vervolgens stonden bij zijn eerste vluchtelement, de Kovacs, een anderhalve salto over de rekstok, zijn knieën iets te ver uit elkaar. Bij de hiermee gecombineerde Kollman, dubbele salto plus hele schroef, staan zijn benen nog veel verder uit elkaar. Drie tiende aftrek. De rest van zijn oefening ging vlekkeloos, met als hoogtepunt een perfect uitgevoerde afsprong: dubbele salto gestrekt met een dubbele schroef, zonder nahup na de landing. Zhangs oefening werd lager beoordeeld dan die van Epke (8.666 tegen 8.733), maar omdat de Chinees een hogere uitgangswaarde had, hield hij onder de streep net iets meer over dan Epke: 16.166 tegenover 16.033.

De eerstvolgende belangrijke wedstrijd is het wereldkampioenschap van 2011 in Tokyo. Maar de 24-jarige Epke Zonderland uit het Friese Lemmer heeft ook de Olympische Spelen van 2012 al in het hoofd zitten. 

Fotografie: Fotofloor; styling: Renske van der Ploeg; visagie: Maaike Beijer voor M.A.C.


Epke is op zijn gelukkigst als hij in de trainingshal nieuwe, moeilijke turncombinaties uitprobeert. Zoals hij twee jaar geleden deed, met jongensachtig enthousiasme. Vandaag, op een koude herfstdag in 2010, sloft Epke plichtmatig richting de dumbells voor wat krachtoefeningen. Op de brug met gelijke leggers volgt een indrukwekkend lange en rechte handstand, maar niets dat in de buurt komt van machtsvertoon voor de camcorder van 2008. Hij kijkt omhoog, neemt een klein aanloopje, springt en grijpt naar de rekstok. Een paar zwaaien maar en dan volgt al een afsprong. Met salto’s en een schroef, dat wel. Direct daarna een pijnlijk gezicht en een hand naar de rechterpols.

Epke is geblesseerd. Alweer.

‘Het is elke keer hetzelfde verhaal,’ zegt hij als we na zijn training een kop koffie drinken. Epke staat bekend om zijn positivisme, maar hier wordt hij toch ook een beetje moe van. Zijn rug doet pijn (oorzaak nog onbekend) en zijn pols speelt al een poosje op (overbelasting). Hij is kort geleden nog maar hersteld van een ernstigere rugblessure. ‘Drieëneenhalve week voor het WK schoot het erin. Ik kon niets meer. Rolstoel erbij, naar huis en twee dagen plat. Ik moest kruipend door de kamer als ik naar de WC moest.’

Geen WK, dacht Epke, maar daar dacht hij twee dagen later alweer anders over.

Toch: Epke lacht. Ondanks alles. Lachen doet hij bijna altijd, maar er zijn gradaties. Tijdens de fotoshoot lacht hij onwennig. Hij lacht uit beleefdheid als de visagiste een grapje maakt, of hem vraagt hoe je dat ook alweer noemt, als je.. tja, eh.. je weet wel... bezig bent met turnen. ‘Dat noemen we een oefening.’ Hij lacht vriendelijk als er in de sporthal een stel Friese dames hem goedbedoeld komen vertellen hoe jammer het toch was dat hij goud verloor op dat wereldkampioenschap. Terwijl Epke, wetende met hoeveel blessures hij had te kampen, vindt dat hij geen goud had verloren maar zilver had gewonnen.

Maar als hem gevraagd wordt naar die drie vluchtelementen, of naar zijn plannen voor de Olympische Spelen van 2012, die eigenlijk geheim moeten blijven maar waar hij toch niet over kan en wil zwijgen, dan is daar een heel andere lach. Een lach waaraan zijn ogen meedoen. Een lach waaruit je afleest dat Epke Zonderland zin heeft om de wereld te laten zien dat hij de beste is. 


Zijn oefening voor de Spelen heeft hij al uitgedacht. Het klapstuk wordt een Casina-Kolman-combinatie, in plaats van de vertrouwde Kovacs-Kolman-combinatie. Dat levert hem drie tiende van een punt op bij de uitgangswaarde. Misschien voegt hij zelfs nog een Ribalco-Yamawaki toe aan zijn oefening, voor nog eens drie tiende. Hij zou dan tot een uitgangswaarde van 18,0 komen. ‘Dat is nog nooit geturnd.’ Weer de ogen die meelachen.

Fotografie: Fotofloor; styling: Renske van der Ploeg; visagie: Maaike Beijer voor M.A.C.

Met dat in het vooruitzicht, zal Epke de komende twee jaar op eieren moeten lopen. Heel blijven. Fit blijven. Gemotiveerd is hij al sinds hij als kleine jongen in de achtertuin van zijn zus en twee broers salto's leerde maken. Epke laat zich door niets afleiden. Zelfs niet door zijn vriendin. In voorbereiding op het wereldkampioenschap wilde hij niet met haar afspreken. 'Dat kost energie.'

Natuurlijk heeft hij vrienden, en gaat hij met veel plezier naar school, maar als de Spelen eraan komen, kruipt hij liever in zijn isolement. Als iedereen hem dan verder met rust laat, kan hij in alle stilte, daar in die turnhal in Heerenveen, twee maal per dag, zes dagen in de week, trainen voor de oefening van zijn leven.

 / 

       rens@renslieman.nl
Rens Lieman is freelance journalist. Zijn werk verschijnt onder meer in NRC Next, Het Parool, Esquire, ELLE en Nieuwe Revu. Lees hier meer verhalen.

meer grote interviews