5 min

10 min

15 min

(typ bijvoorbeeld: Typhoon, technologie, 5 minuten, NRC, reportage)

De derde industriële revolutie

tekst: Rens Lieman, Esquire

zoeken

esc om te sluiten    z om te openen

Esquire

september 2015

tekst

Rens Lieman

leestijd

6 minuten

Wat had een grotere impact op onze samenleving: de stoommachine of Apple's App Store? (Esquire, september 2015)

Tien jaar geleden waren Apple-reclames nog simpel in toon en boodschap. In een serie van korte filmpjes die alleen in de Verenigde Staten op televisie werden uitgezonden, stond een stoffige zakenman in te groot, poepbruin pak (de verpersoonlijking van Microsoft’s PC) tegenover een frisse jongeman in lichtblauw T-shirt en spijkerbroek (Apple’s Mac). De boodschap: PC’s zijn voor spreadsheettijgers, Macs voor creatievelingen. We leven inmiddels in andere tijden. Op Apple’s Worldwide Developers Conference een paar maanden geleden, werd een nieuwe Apple-video gepresenteerd waarin de boodschap pompeus was en nog lang na-echode: de App Store heeft een grotere impact op onze samenleving dan de industriële revolutie.

Hoewel gretig omarmd, kwam die uitspraak niet direct van Apple zelf. Apple beweert in de video slechts bij monde van vice-president marketing Phil Schiller dat de App Store ‘groter is geworden dan we ooit hadden durven dromen’. De video wordt pas echt interessant als astrofysicus Neil deGrasse Tyson de impact van applicaties en de mobiele telefoons waarop die draaien vergelijkt met die van de microscoop en telescoop. En het wordt nog interessanter als James Manyika wordt geciteerd, directeur van McKinsey & Company en diens onderzoekstak McKinsey Global Institute: ‘Als je dacht dat de industriële revolutie transformationeel was…de app store is veel groter.’


Als je dacht dat de industriële revolutie transformationeel was…de app store is veel groter.

Er was nog geen App Store toen Apple zeven jaar geleden de iPhone presenteerde, met alleen maar eigen applicaties erop geïnstalleerd. Die kwam in 2008, gelijk met de lancering van de iPhone 3G. Sindsdien geldt: wie een goed idee voor een app heeft, kan dat op een vrij goedkope manier realiseren en distribueren. Zo heeft niet alleen de maker, maar hebben ook miljoenen anderen baat bij dat idee. Bedrijven kunnen hun klanten goed van dienst zijn (98% van de Fortune 500-bedrijven heeft een app, zegt Apple in de video) en met spelletjes kunnen we een beetje de tijd in de trein doden. 

Apps krijgen nog meer waarde als het gebruik maakt van data van sensoren en van andere hardware zoals satellieten. Dan kan zelfs Jan met de Pet met een app ‘zichzelf en zijn omgeving onderzoeken’. Dat is wat DeGrasse met zijn opmerking in de Apple-video bedoelde, zo legde hij later uit aan VentureBeat. ‘Je hoeft geen wetenschapper te zijn, maar leren wat het betekent om iets te meten is belangrijk voor een geïnformeerde democratie.’


De industriële revolutie waaraan James Manyika refereerde, had ook zo zijn impact op onze samenleving. Met de (verbeterde) stoommachine konden veel tot dan toe handmatig vergaarde producten voortaan machinaal worden geproduceerd. Daarmee ontstonden fabrieken, floreerden de mijnen en textielindustrie, kwam urbanisatie op gang en veranderde het leven van alledag drastisch. De gevolgen werden nog groter toen de stoomtrein in 1824 zijn intrede deed, waarmee de aanvoer van grondstoffen en de afvoer van de eindproducten veel gemakkelijker en op grotere schaal kon gebeuren.

Aan de zogenaamde tweede industriële revolutie wordt staal en de verbrandingsmotor toegeschreven, als ook de verbeterde gloeilamp van Thomas Edison en de uitvinding van de wisselstroommotor, waardoor uiteindelijk elektriciteit in gewone huishoudens beschikbaar werd.

Uit onder andere de gevolgen van de industriële revolutie ontstond zelfs een heuse politieke en sociaal-economische ideologie: het marxisme. 

Als je het internet als een sector ziet, en naar diens bijdrage aan het bnp kijkt, is het groter dan energie, landbouw, of welke andere belangrijke sector dan ook.

Manyika’s citaat behoeft natuurlijk enige context die het strak gemonteerde reclamefilmpje niet heeft gehaald, zo vertelt hij Esquire. Manyika: ‘Een online winkel voor applicaties zoals de App Store is een symbool van iets veel groters, namelijk digitalisering. De snelheid en mate waarin we producten van de digitalisering in gebruik nemen, staat in geen verhouding tot dat van de industriële revolutie. Dát is het punt wat ik wilde maken.’

Manyika legt de cijfers naast elkaar: het duurde meer dan 50 jaar voordat de helft van de Amerikaanse huishoudens een vaste telefoonlijn hadden, meer dan 100 jaar voordat elektriciteit 50 miljoen gebruikers had en 38 jaar voordat radio zoveel luisteraars had. Facebook trok 6 miljoen gebruikers aan in hun eerste jaar, een getal dat zich inmiddels verhonderdvoudigd heeft; het Chinese WeChat (een berichtendienst en sociaal netwerk ineen) verzamelde in 4 jaar 300 miljoen gebruikers; in Apple’s App Store verschenen in het eerste jaar 150.000 applicaties, inmiddels zijn het er 1,5 miljoen en hebben gebruikers in totaal meer dan 100 miljard apps gedownload. 

Een app store heeft een bescheiden rol in deze, maar is, samen met eBay en vergelijkbare platformen voor online (micro-)handel, wel belangrijk, legt Manyika uit: ‘Die platformen maken het mogelijk voor individuen om iets te ontwikkelen en op grote schaal, over de landsgrenzen heen te verhandelen. Zij verkopen daardoor gemiddeld achttien keer zoveel als een handelaar die niet op zo’n digitaal platform zit, hebben wij onderzocht. Belangrijker: het draagt bij aan een bredere participatie in de globale economie. Twintig jaar geleden werden handelsstromen gedomineerd door een paar grote landen en een paar grote bedrijven, nu zijn er veel meer landen en bedrijven van diverse omvang mee gemoeid. Dat is belangrijk, en goed voor het bruto nationaal product van die landen.’

‘Door de industriële revolutie is het bnp per hoofd van de bevolking van het Verenigd Koninkrijk verdubbeld, gaat Manyika’s economieles nog even verder. ‘Dat is indrukwekkend, maar het duurde honderdvijfenveertig jaar en het ging om een populatie van maar negen miljoen. We zien nu al dat digitalisatie het bnp veel sneller beïnvloedt. Als je “het internet” als een sector ziet, en naar diens bijdrage aan het bnp kijkt, is het groter dan energie, landbouw, of welke andere belangrijke sector dan ook.’


Natuurlijk, zonder staal geen smartphone en zonder elektriciteit hadden we het ding nooit kunnen opladen. Apple zelf maakte in 1990 een reclamefilmpje waarin shots van iMacs op een lopende band gesneden werden met een leraar geschiedenis die over de industriële revolutie vertelt. Maar ook de industriële revolutie bouwde verder op uitvindingen en bewegingen die reeds ingezet waren in de verlichting - hoe kan het ook anders. Er werden flinke investeringen gedaan in compleet nieuwe infrastructuren (spoorwegen, een elektriciteitsnetwerk) waar de digitalisering gretig gebruik van maakt, al waren ook voor deze revolutie nieuwe infrastructuren nodig (breedbandinternet, mobiele betaalmethodes). Die investeringen staan in geen verhouding met elkaar, maar dat de ene revolutie voortbouwt op het werk in een andere, is evident.

Ook is het te gemakkelijk om de discussie af te doen met de suggestie: probeer een week te leven zonder apps, en probeer daarna een week zonder dat wat uit de industriële revolutie voortvloeide - kijk dan wat gemakkelijker is. 

De industriële revolutie had wezenlijke, verstrekkende gevolgen in hoe steden ingericht werden, hoe werk eruit zag en hoe de economie in elkaar stak; hoe een samenleving zichzelf organiseerde, kortom. Het moet nog blijken of de nog maar net ingezette ‘derde industriële revolutie’ ook veranderingen op deze schaal teweeg brengt. 

Manyika ziet de eerste signalen wel al: ‘We zien nu al dat kunstmatige intelligentie menselijk werk vervangt. Wat voor werk mensen doen is al aan het veranderen - bínnen de levenscyclus van een mens. Door AirBnB verzamelen toeristen zich niet meer allemaal in een centrum, waardoor commerciële activiteit zich meer verspreidt in een stad. Denk ook aan de zelfrijdende auto. Twintig procent van de bestemmingsgebieden in grote steden wordt nu nog gereserveerd voor parkeerplekken. Als auto’s zichzelf kunnen parkeren en weer voor kunnen rijden, kan een stad er heel anders uit gaan zien.’

Het is nog veel te voorbarig om de digitalisering (of ‘derde industriële revolutie’) die nog maar een krappe twintig jaar in gang is, te meten met de (eerste en tweede) industriële revolutie, die zich over grofweg honderdvijftig jaar uitspreidde. Noch vervult een app store op zichzelf de zo wezenlijke rol die het zichzelf graag toebedeelt. Apps maken ons leven voor alsnog vooral iets gemakkelijker, iets interessanter, iets vermakelijker. Iets. Maar deze revolutie van digitalisering heeft wel degelijk de potentie onze samenleving andermaal te herstructureren. Nadat we uitgesnapchat zijn, natuurlijk. 

 / 

       rens@renslieman.nl
Rens Lieman is freelance journalist. Zijn werk verschijnt onder meer in NRC Next, Het Parool, Esquire, ELLE en Nieuwe Revu. Lees hier meer verhalen.

meer essays