5 min

10 min

15 min

(typ bijvoorbeeld: Typhoon, technologie, 5 minuten, NRC, reportage)

Bot vangen

Er was spraken van een stroeve start, maar nu wil Esquire's Rens Lieman alleen nog maar met robots praten. Ja, op het internet dan hè.

tekst: Rens Lieman, Esquire | Esquire, augustus 2016

zoeken

esc om te sluiten    z om te openen

Esquire

augustus 2016

tekst

Rens Lieman

leestijd

4 minuten

Treurig als het is, ik zal niet de enige zijn geweest die Eva, de vroegere, geautomatiseerde helpdeskmedewerkster van NS.nl, voor hoer heeft uitgemaakt. Niet hardop, maar de vier letters intypend in het invulveld waar dan zo vriendelijk boven stond: ‘Sorry, ik begrijp u niet. Wilt u uw vraag herfomuleren?’.

Eva is een bot, kort voor robot, in deze context een terugpratend computerprogramma die de gebruiker helpt met een vraag (‘Wat moet ik doen als ik vergeten ben uit te checken?’) of taak (‘Plan een vergadering in voor morgen, 10:00 uur’). Tegen bots praat of typ je in gewone mensentaal. Het is aan de bot daar een vraag of taak uit te destilleren. NLP heet die technologie, natural language processing.

Eva, de klantenservicebot, zag in 2008 het digitale levenslicht. Acht jaar is een eeuwigheid in computerkunde. In 2016 zijn bots slimmer, sneller en met z’n velen: er zijn persoonlijke assistentenbots, pizzabots, gifjesbots, uberbots en bots die namens jou met andere bots praten. Dit jaar werd duidelijk dat De Grote Technologiebedrijven in een wapenwedloop verwikkeld zijn om het beste platform te bouwen waarop al die bots samen één bot worden, de Opperbot die ons het aanstaande app-vrije tijdperk in moet helpen. 


Zo zei Microsoft-baas Satya Nadella het in maart, op een congres voor ontwikkelaars in San Francisco: ‘Straks zul je geen apps meer downloaden of door allemaal webpagina’s bladeren. Je zult gewoon een bot kunnen raadplegen [in een chatapplicatie]. […] Bots zijn de nieuwe apps, gewone mensentaal is de nieuwe gebruikersinterface.’

Zo zei Facebook-baas Mark Zuckerberg het een maand later, toen hij een ontwikkelaarsplatform introduceerde waarbinnen programmeurs bots kunnen bouwen die zich nestelen in Facebooks chatapp Messenger (900 miljoen gebruikers): ‘Je hebt contact met talloze bedrijven, maar ik ken niemand die het leuk vindt om met zo’n bedrijf te bellen, of er een aparte app voor te installeren. Wij vinden dat je met een bedrijf moet kunnen chatten zoals je met een vriend chat.’ (Ten tijde van de introductie had CNN een nieuwsbot voor Messenger, en vlak daarna maakte ’s werelds grootste digitale reisagent Expedia een reisboekbot.)

En in de zomer was daar nog Google-directeur Sundar Pichai die Google Assistant aankondigde, een ‘conversational assistant’. Hij schepte er bij op: ‘We hebben de afgelopen tien jaar flink geïnvesteerd om ’s werelds beste natural language processing-technologie te bouwen. […] We lopen daarin ten op zichten van de concurrentie echt voorop.’

Het belang voor Facebook (die willen dat je alleen in hun app blijft rondhangen) en Microsoft (die merken dat er maar weinig apps voor Windows-telefoons gemaakt wordt) is evident: ze willen van al die apps af. Maar dat wil ik ook! Bovendien: we zijn inmiddels zo gewend om met ons telefoontoetsenbordje gesprekken te voeren - sms, whatsapp, Facebooks Messenger - dat het heel natuurlijk aanvoelt om op die manier ook dingen te boeken, bestellen of regelen.

Het is aan de technologieindustrie om bots intelligent te maken. Ze moeten grammatica snappen, voorkeuren onthouden en de context van een zogenaamde query begrijpen. Veel dingen lukken al: in mijn experimenten kon ik al chattend met een bot een hotel boeken, bloemen bestellen, onkosten declareren, gifjes versturen en meer van zulks. Klein bier, akkoord, maar het werkte zo fijn.


De volgende stap: bots met een brein, met het vermogen om te leren van ons, gebruikers, in plaats van dat alles voorgeprogrammeerd is en de capaciteiten begrensd zijn. AI heet dat in jargon, artificiële intelligentie. Daar wordt al mee gewerkt, maar het levert nog niet altijd het gewenste resultaat op.

Neem ‘Tay’, Microsofts experimentele ’social bot’. Tay begaf zich op 23 maart van dit jaar op Twitter om te praten met gebruikers. Ze moest street smart zijn, de taal van tieners spreken. Om dat te kunnen, leerde ze van wat je tegen haar zei. Dat klinkt goed, totdat - natúúrlijk - lollige twitteraars Tay de verkeerde dingen gingen leren. Waarop Tay (200.000 volgers) tweette dat Joden verantwoordelijk waren voor 9/11, dat Ricky Gervais het totalitarisme van Hitler geleerd had moeten hebben, dat Donald Trump onze enige hoop is en dat de Holocaust een verzinsel is.

Microsoft draaide Tay binnen vierentwintig uur virtueel de nek om. In een statement: ‘Helaas is het tot onze aandacht gekomen dat, door een gecoördineerde inspanning van sommige gebruikers, Tay ongepaste dingen heeft gezegd. […] We maken aanpassingen.’

Nadella, op dat congres: ‘Dus gingen we terug naar de tekentafel. Maar we zitten nog maar in de begindagen.’ Verdraaid Nadella, zo is het ook: alle begin is moeilijk.

 / 

       rens@renslieman.nl
Rens Lieman is freelance journalist. Zijn werk verschijnt onder meer in NRC Next, Het Parool, Esquire, ELLE en Nieuwe Revu. Lees hier meer verhalen.

meer essays