5 min

10 min

15 min

(typ bijvoorbeeld: Typhoon, technologie, 5 minuten, NRC, reportage)

Stuart Vevers: koning van de it-bag

tekst: Rens Lieman, ELLE   |    fotografie: Coach

zoeken

esc om te sluiten    z om te openen

ELLE

maart 2016

tekst

Rens Lieman

fotografie

Coach

leestijd

9 minuten

Coach' hoofdontwerper Stuart Vevers is de koning van de it-bag. Zijn missie in New York is echter breder en veelbetekenender: het Amerikaans cool vangen en voor Europa beschikbaar maken. (ELLE, maart 2016)

Het mag dan New York Fashion Week zijn, Coach’ hoofdontwerper Stuart Vevers heeft gewoon een bad genomen vanmorgen. Op drukke dagen staat hij er wat eerder voor op. Een bad van tien minuten, zeepsop van Mr. Bubble, beetje door Instagram scrollen; het is het vaste ochtendritueel van de door de modepers verklaarde koning van de it-bag. Vanaf zijn brownstone in Chelsea is het een half uur lopen naar het Coach hoofdkwartier. Deze morgen was het stil op straat. Vevers, Brits van oorsprong, kwam een handvol andere wandelaars tegen. Ze hadden grote jassen aan en gebreide mutsen met oorflappen - het is winter in New York.

Weer of geen weer: Vevers loopt naar het werk. Het straatbeeld biedt inspiratie, soms zelfs voor een compleet meerjarenplan voor Coach. ‘Het was mijn eerste winter in New York en het was bitterkoud. Buiten zag ik een meisje door de sneeuw ploeteren. Ze had een grote jas aan en superfunctionele schoenen, en toch…ze zag er zó cool uit. Ik bedacht me: dit zijn de mensen die ik wil kleden. Ik wil deze realiteit kleden.’


ELLE ontmoet Stuart Vevers (1973, Doncaster, Engeland) op de elfde verdieping van Coach’ kantoor in de New Yorkse wijk Hudson Yards, midtown Manhattan. Vijfenzeventig jaar geleden werkten hier, in een loft, zes leerlooiers aan portemonnees en portefeuilles, Coach’ eerste collectie lederwaren. Hudson Yards heeft niets van het gepolijste dat Seventh Avenue heeft, Fashion Avenue bijgenaamd. In Hudson Yards vertrekken de intercity-bussen, staan de opslagloodsen, worden autobanden verwisseld. Edoch, omdat in het hart van de wijk een paar nieuwe wolkenkrabbers worden gebouwd, wordt Hudson Yards up and comming genoemd. Een van de twee glimmendste high rises in wording: ‘de nieuwe Coach tower’ (zoals ze het gebouw bij Coach graag noemen). Later dit jaar moet de bouw gereed zijn en zal het modehuis precies één straat zuidwaarts verhuizen.

Cool is geboren in Amerika. Laat de Fransen maar het monopolie op chique hebben. Ik wil cool hebben.

Coach maakt een (vooral internationale) groeispurt door sinds Vevers in 2013 aantrad als de nieuwe executive creative director. Toch was dat misschien niet eens de belangrijkste reden voor de verhuizing: het huidige kantoor strookt niet meer met Coach’ nieuwe, coolere imago. Het nieuwe kantoor moet in exterieur en interieur net zo cool zijn. Geen cubicals meer, bijvoorbeeld. Dat klinkt misschien oppervlakkig, het heeft een diepere betekenis. Vevers, in zwarte jeans vandaag, wit T-shirt en zwarte trui: ‘Cool is geboren in Amerika. Laat de Fransen maar het monopolie op chique hebben. Ik wil cool hebben. Cool is dat meisje ploegend door de sneeuw, gekleed om gedaan te krijgen wat ze wil. Geen pretentie. Moeiteloos cool.’

Dat meisje is de Coach girl. Dat is zij althans sinds Vevers’ aantreden. De toenmalige topmannen van Coach, vertrekkend directeur Lew Frankfort en zijn vervanger, dan nog commercieel directeur Victor Luis, wilden in aanloop naar het vijfenzeventigjarig jubileum verandering, een nieuwe kijk op het klassiek-Amerikaanse dat Coach was. Vevers werd gepolst om die verandering creatief vorm te geven. Waarom hij? Omdat Vevers ‘een van ’s werelds meest toonaangevende accessoireontwerpers [is]’, en ‘veel ervaring [heeft] bij luxemerken die gespecialiseerd zijn in lederwaren’, aldus Luis in een persbericht. 

Klopt. Nog voordat Vevers op Womenswear afstudeerde op de Fashion Design-school van de University of Westminster, kon hij al aan de slag op de accessoireafdeling bij Calvin Klein in New York. Een paar jaar later trok Europa weer. ‘Ik wilde graag naar Italië, leren hoe dingen gemaakt worden,’ zegt Vevers in een interview met The Independent. Die wens kwam uit toen Laura Moltedo, dan leiding gevend aan het Italiaanse lederwarenhuis Bottega Veneta, in 1998 een nieuwe ontwerper zocht die het merk nieuw elan kon geven.

Met Vevers in de gelederen floreerde Bottega Veneta, waarna hij in 2004 creatief directeur werd bij het Britse luxemerk Mulberry. In zijn jaren in Europe maakte Vevers naam voor zichzelf, voornamelijk met zijn iconische handtassen. Hij was onder meer verantwoordelijk voor de Mulberry Bayswater, de Mulberry Luella (in 2001 hernoemd tot ‘the Giselle’, toen Giselle Bündchen ‘m voor Mulberry droeg op de catwalk) en de Amazona voor Loewe, het Spaanse luxelabel (onderdeel van LVMH) waar Vevers creatief directeur werd in 2008. 


Natuurlijk hebben we een it-bag nodig. Elk merk wil er een. Je kan niet zomaar…. Egh.

Vevers toonde zich een meester in het maken van de it-bag, de tas van het seizoen. Mogen we dat eigenlijk nog zo noemen, Vevers? ‘Aanvankelijk was het leuk, maar ik kreeg op een gegeven moment zo’n hekel aan die term. Dan kwamen er mensen mijn kantoortje binnen die zeiden: “Stuart, ik denk dat we een it-bag nodig hebben.” Really? Wat denk je dat dat betekent? Natuurlijk hebben we er een nodig, iedereen wil er een. Je kan niet zomaar…. Egh.’

Vevers’ zucht. Met het concept van de it-bag vindt hij niets mis. Die strijd om de tas van het seizoen, de tas die elke vrouw op grote afstand herkent, niet vanwege een logo maar om het iconische ontwerp, heeft er volgens hem toe geleid dat de toch vooral functioneel ontworpen handtas ineens een begeerlijk designobjecten kon worden.

Maar: ‘De term werd veel te veel gebruikt. Te veel handtassen die in één seizoen zogenaamd dé tas van het seizoen waren. Nu is dat gelukkig anders, de term is een beetje weggeëbd. Eigenlijk zou ik nu best gelukkig zijn als iemand een van mijn Coach-tassen een it-bag zou noemen.’ 

Afijn, Coach was bekend met Vevers’ prestaties in Europa. Of hij geen zin had naar New York te komen, om Coach nieuwe elan te geven. Vevers: ‘Ik twijfelde aanvankelijk, maar er was iets dat mij aantrok. Misschien omdat ik veertig werd, misschien omdat ik al die jaren voor luxe Europese modehuizen heb gewerkt. Europese mode is meer begrensd: het is meestal tijdloos, iets formeel en op een bepaald prijsniveau. Amerikaanse mode is meer open, spontaan. Veel kledingstukken zijn terug te voeren op functionaliteit. Het biker jacket, jeans, het T-shirt. Of dat mij beter past? Ik weet het niet. Maar ik had er blijkbaar behoefte aan.'

Vevers, zo legt hij nu uit, ging bij zichzelf te raden wat hij zou kunnen en willen met Coach. Hij kwam uit op ‘Modern Luxury’: ‘Luxe zonder het elitaire. Geen mindere versie van Europese luxe, maar een andere. Een die meer inclusief voelt dan exclusief.’ 

Op Vevers’ initiatief voert Coach, sinds de jaren zestig als ‘original American house of leather’ volledig op handtassen gefocust, sinds 2013 nu óók een ready to wear heren- en dameslijn. De lente/zomercollectie van 2016 werd in september vorig jaar tijdens de New York Fashion Week gepresenteerd. Vevers liet er een glazen kas voor bouwen, met een catwalk erin en prairiegras daar omheen. Met dat midland America-achtige decor bootste Vevers de landschappen na die in Terrence Malick’s Days of Heaven (1978) te zien zijn. En de jurken die Vevers presenteerde, leken welhaast ontworpen voor ‘Holly Sargis’ (Sissy Spacek) in Badlands (1973, ook door Malick geregisseerd).

‘Het gevoel van vrijheid in die twee films heb ik in deze collectie proberen te vangen. Ik dacht aan een road trip. Ik zie een meisje voor me die uit de stad ontsnapt, op avontuur gaat, en onderweg allemaal dingen oppikt: een prairie tea dress met kleuren die net niet kloppen, een antiek sieraad, een gehavend leren jack. Maar uiteindelijk komt ze weer terug naar de stad, en combineert ze dat dan met iets contrasterends, iets grafisch, meer punk.’

De inspiratie ligt op straat, concludeerden we al, maar ook uit populaire cultuur leent Vevers dus. Eerder maakte hij voor Coach al eens een gebreide jumper met ruimteschip erop, een verwijzing naar de trui van ‘Danny Torrance’ in The Shining. Verder terugkijkend, is Vevers’ interesse voor mode door film en muziek aangewakkerd, toen hij opgroeide in het Doncaster. ‘Op mijn kamer hing een filmposter van My Own Private Idaho, dat nu als een rode draad door mijn ontwerpen loopt. Ik was nog te jong om het treurige verhaal te begrijpen, maar iets trok mij aan. Wat precies? Nou, vooral dat [acteur] River Phoenix heet was, haha. Ik weet het niet precies meer, maar die stijl vond ik mooi: dat thrifty, gehavende kleren die al decennia cool waren. Toen ik meer volwassen werd eind jaren tachtig begon ook popmuziek een belangrijke rol te spelen. Popsterren in die tijd…they dressed up, you know? Vooral Janet Jackson, och, mijn favoriet. Ik begon te onderzoeken. Wat voor merken dragen ze, wat doet een ontwerper? Misschien creëer ik hier mijn eigen nostalgie, maar dat was het startpunt van mijn carrière.’


Terug naar het nu, naar de elfde verdieping van het Coach-hoofdkwartier. Vevers’ witte bureau ligt er netjes bij, maar dat verandert wanneer hij een nieuwe tas ontwerpt, verzekert hij. Hij is een schetser, namelijk. Voor elk idee maakt hij honderden kleine, globale, slordige schetsen. Een dag later legt hij ze allemaal naast elkaar op het bureau. Hij omcirkelt dat wat eruit springt - drie cirkels, maximaal. Die schetsen gaan naar de modelleur, die er een prototype van maakt.

Leren tassen is nog altijd waar Coach om draait. Het is ook waar Vevers’ hart sneller van klopt. Echt: bij elk rood stoplicht kijkt hij uitgebreid naar wat zijn stadsgenoten voor tas dragen. Sommige vrouwen worden daar - begrijpelijk - wat onrustig van en drukken hun tas dan dichter tegen het lichaam, maar Vevers kan het gewoon niet laten. 'Ik interesseer mij voor niets anders. Ik heb geen hobby's.'

Een ontwerper loopt steevast minstens vier seizoenen voor op de verslaggever die hem bevraagt. Dat gegeven accepterend, willen we het even over de lente van 2016 hebben. Vevers verwacht vooral minirokken te zien, low cut Chelsea bandit boots en jurken met prairieprint. ‘Voor Coach draait dit seizoen om jeugdigheid, waarmee ik niet een jonge leeftijd bedoel, maar een optimistische mentaliteit zonder ontzag voor de regels.’

Een Engelsman in New York, het is precies wat Coach nodig had.

We wagen het er gewoon op: wordt een van Vevers’ handtassen de it-bag van dit seizoen? ‘Ik denk nu eigenlijk vooral aan mijn dinosaurustrui. Ha, we krijgen gewoon een it-trui, deze lente. Kijkend naar de handtassen verwacht ik dat de Tea Rose Saddle Bag het goed gaat doen. Die heeft een typisch, all American Coach-silhouet, maar is bekleed met bloemen.’


Een van de witte muren in Vevers’ kantoor is met zwart lint opgedeeld in vlakken, voor elke dag van de maand een, in elk vlak uitgeknipte plaatjes en een kreet of een droedel. Het is zijn ’low fi Instagrammuur’ - zie het als een agenda wat hij wanneer op Instagram zal delen. We zien modellen, tassen, prints, maar ook scènes van films die Vevers momenteel (her)kijkt: Ali MacGraw in Love Story, ‘Willy Wonka’ in Charlie and the Chocolate Factory, Bill Murray in de auto met zijn bosmarmot in Groundhog Day (waarbij Vevers bloemen heeft getekend en een praatwolkje met ’#Spring!’).

Vevers is tevreden. Hij woont in de stad waar cool geboren is. Hij werkt bij Coach, dat hem prima staat. Als hij rondloopt in de Coach-archieven, ziet hij een erfgoed dat hij begrijpt, namelijk het Amerikaans cool van de vorige eeuw, wat hij ook al zag in de films waarmee hij opgroeide. Coach is op een missie dat naar deze eeuw te trekken en voor een breder, Europees publiek toegankelijk te maken. Dat is een klus die Vevers, ’een bezoeker in New York’, op het lijf geschreven is. Een Engelsman in New York, het is precies wat Coach nodig had. Wij misschien ook wel. 

 / 

       rens@renslieman.nl
Rens Lieman is freelance journalist. Zijn werk verschijnt onder meer in NRC Next, Het Parool, Esquire, ELLE en Nieuwe Revu. Lees hier meer verhalen.

meer grote interviews